Vanaf 1 oktober 2026 verandert de toeleiding naar een Persoonsvolgend Budget (PVB). De Vlaamse overheid voert deze wijziging stap voor stap door. Het gaat om een eerste aanpassing binnen een bredere hervorming.
Vandaag doorloop je bij een aanvraag van een PVB verschillende stappen, waaronder de inschaling van je ondersteuningsnood. Vanaf 1 oktober wordt deze toeleidingsprocedure opgesplitst in twee fases.
Fase 1: je aanvraag en prioriteit bepalen
In een eerste fase:
- dien je een ondersteuningsplan in;
- laat je je handicap erkennen en
- word je ingedeeld in een prioriteitengroep.
Op basis daarvan kom je op de wachtlijst terecht.
Een belangrijke verandering is dat je in deze fase nog niet weet op welk budget je wacht. Je weet enkel in welke prioriteitengroep je bent ingedeeld. De inschaling gebeurt pas later.
Fase 2: inschaling wanneer een budget in zicht komt
Pas wanneer er concreet zicht is op een budget, volgt de inschaling. Op basis van die inschaling wordt bepaald welk budget je krijgt.
Het voordeel hiervan is dat mensen niet langer een inschaling moeten doorlopen als een budget nog niet op korte termijn beschikbaar is.
Deze nieuwe werkwijze geldt niet alleen voor mensen die voor het eerst een PVB aanvragen. Ook aanvragen voor een budgetverhoging verlopen vanaf 1 oktober volgens deze twee fases. Heb je dus al een PVB en vraag je een hoger budget aan? Dan wordt ook jouw ondersteuningsnood pas ingeschaald wanneer er concreet zicht is op een budget.
Tegelijk brengt deze werkwijze ook vragen met zich mee. Wie op de wachtlijst staat, heeft minder zicht op het mogelijke budget en de ondersteuning waarop die persoon wacht. Daarnaast kan een heroverweging in fase 2 ervoor zorgen dat iemand langer moet wachten op het effectieve budget.
Herinschaling op vraag van het VAPH
Vanaf 1 oktober kan het VAPH ook zelf het initiatief nemen om een budgethouder opnieuw te laten inschalen.
Een herinschaling kan zinvol zijn wanneer iemands situatie verandert en het huidige budget niet langer aansluit bij de werkelijke ondersteuningsnoden.
Tegelijk vinden we het belangrijk dat een verplichte herinschaling alleen gebeurt wanneer daar duidelijke en goed onderbouwde redenen voor zijn. De criteria die vandaag worden voorgesteld, vinden wij te ruim omschreven. Daardoor bestaat het risico dat budgethouders onvoldoende weten wanneer een herinschaling kan worden opgestart.
Het VAPH kan een herinschaling opstarten in deze situaties:
- Wanneer de oorspronkelijke inschaling niet correct is verlopen, bijvoorbeeld omdat de ZZI-vragenlijst niet volledig of correct werd doorlopen.
- Wanneer er een duidelijk verschil is tussen de toegekende zorgzwaarte en de ondersteuningsnoden die beschreven worden in het multidisciplinair verslag.
- Wanneer de besteding van het budget niet lijkt overeen te komen met de toegekende zorgzwaarte en het VAPH onderzoekt of het budget nog aansluit bij de huidige situatie.
- Wanneer er sterke aanwijzingen zijn dat de toegekende zorgzwaarte niet meer overeenkomt met de werkelijke situatie. Dit kan bijvoorbeeld blijken uit informatie van zorgverleners, medische verslagen of andere relevante bronnen.
- Wanneer de laatste inschaling minstens 15 jaar geleden gebeurde en er volgens het VAPH een opvallend verschil is met gelijkaardige dossiers op vlak van zorgzwaarte, ondersteuningsnoden of budgetbesteding.
Onze bezorgdheid
Bij absoluut vzw begrijpen we dat de overheid de procedure voor PVB-aanvragen wil verbeteren. Een aanvraag moet duidelijk, voorspelbaar en transparant verlopen voor mensen met een handicap.
We vinden het jammer dat er opnieuw een wijziging komt in een procedure die op korte termijn opnieuw zal veranderen. Deze aanpassing is nog gebaseerd op voorstellen van voor de conceptnota. Achter de schermen wordt ondertussen verder gewerkt aan bijkomende hervormingen, zoals het aanpassen van de aanvraagprocedure en het hervormen van de wachtlijsten.
Daardoor blijft er vandaag nog veel onzekerheid bestaan.
Ook de criteria voor verplichte herinschaling baren ons zorgen. Begrippen zoals “een groot verschil” of “sterke aanwijzingen” laten veel ruimte voor interpretatie. Wanneer is een verschil groot genoeg? Wordt de volledige context van een persoon meegenomen? En welke plaats krijgt de stem van de gebruiker zelf in dit proces?
Daarnaast vinden we het belangrijk dat grote wijzigingen zoals deze in overleg met de sector gebeuren. De criteria voor herinschaling werden niet samen met gebruikersorganisaties uitgewerkt. Nochtans hebben deze criteria rechtstreeks invloed op de zekerheid die budgethouders ervaren.
Het VAPH geeft aan dat het niet de bedoeling is om iedereen na 15 jaar opnieuw te laten inschalen of om mensen opnieuw te beoordelen omdat ze hun budget anders besteden. Dat stellen we op prijs. Maar voor ons is het belangrijk dat dit ook voldoende duidelijk verankerd wordt in de regelgeving.
Wij blijven deze ontwikkelingen nauw opvolgen en blijven ons inzetten voor een systeem waarin keuzevrijheid, zelfregie en levenskwaliteit centraal staan.